Geen enkel lijf is hetzelfde! Dus lees je goed in, oriënteer je op de mogelijkheden. Maar ook: niet alle horrorscenario’s die je leest, moeten per se uitkomen. Als er bij jou niks geks gebeurt, betekent dat niet dat er iets fout is! Krijg jij geen onverklaarbare hypo’s en kon je gewoon snel zwanger worden?! Heel goed dat ze je waarschuwen voor van alles, maar er kan ook NIKS van dat alles gebeuren. Laat je niet gek maken, maak je niet ‘omgekeerd druk’ en word er vooral ook niet achterdochtig van.

MAAIKE’S ULTIEME TIP VOOR ZWANGERE DIABETICA’S

De basis

Maaike’s gezin bestaat uit haar man Jeroen, dochter Annabel (6 jaar), zoon Hugo (4 jaar) en zoon Timothy (1,5 jaar oud) en hond Floyd. Binnen het gezin spreken ze trouwens Engels! Maar alles daarbuiten is voor haar kinderen gewoon ‘Nederlands’, ook op vakantie waar ze zich prima zou kunnen redden in het Engels. Timothy is er trouwens ook bij, bij dit interview omdat hij tandjes door krijgt. Maaike is de enige die zijn pijn kan verhelpen, door hem aan de borst te leggen.

Maaike is opgeleid als psycholoog, heeft altijd gewerkt als strategisch adviseur tot aan de verhuizing naar Canada. Daar schreef ze een blog over haken en breien en daar resulteerde in een aantal boeken vol haakpatronen (ook een beetje breien) en daar hoort een webshop bij. Daarnaast is ze fulltime mama voor haar kinderen, zodat er nog wel een beetje een combi is van werk/kinderen. Samen met haar partner heeft ze besloten om niet meer fulltime te werken, en diabetes speelt ook een rol in die keuze. Zodra iedereen op school zit, pakt ze haar werk weer op. Maaike heeft overigens ook een Instagram account: @crejjtion, de moeite waard om te gaan volgen!

<– foto credit: Janneke | www.dailyapple.nl

De diagnose

De diagnose ‘diabetes type 1’ kwam toen Maaike 27 was, dus ze is nu al 12 jaar diabetica. Bij haar diagnose twijfelden ze tussen type 1 en type 2. Maaike had überhaupt geen idee dat er een verschil was – ze kende type 2 van de opa van haar man, maar ze wist alleen dat hij complicaties had in z’n nieren en ogen en dat oma alles regelde.

Een jaar na de diagnose ging Maaike over van pennen op de pomp omdat ze na twee maanden al een kinderpen nodig had die halve eenheden kon spuiten. Als ze zichzelf een hele eenheid gaf, zat ze namelijk met een boterham in de trein om een hypo te voorkomen. Toen moest je trouwens ook nog minimaal drie jaar diabetes hebben om over te mogen op de pomp. Maaike is super gevoelig voor beweging, een rondje wandelen met de hond kan haar al in een hypo doen belanden, of juist van een hyper afkrijgen. Omdat ze controle wilde op korte termijn, ging ze over op de pomp.

Maaike zit nu nog op de Accucheck Aviva Combo, maar… over 9 maanden mag ze een nieuwe uitzoeken dus ze gaat zich goed oriënteren en laten informeren.

canadees avontuur

Op haar 29e verhuist Maaike naar Canada. Als ze daar bij de huisarts haar kinderwens kenbaar maakt, krijgt ze te horen: ja joh, gewoon doen! Krijg maar vijf kinderen, want we hebben hier enorme onderbevolking. Maar Maaike denkt: huh, daar ben ik hier toch niet voor, om de Canadese bevolkingsgraad op te krikken? 

Maaike: “Toen ik vervolgens vroeg naar een sensor, zei mijn huisarts: ‘nee joh, die heb je niet nodig, het komt helemaal goed’. Zo’n sensor wordt overigens ook niet vergoed door de verzekering. Dat heeft toen bij mij eigenlijk de deur dichtgegooid. Want als ik die sensor niet kan krijgen, dan weet ik niks. Ik heb geen idee hoe mijn lichaam hierop gaat reageren. Ja, ik spreek goed Engels, maar medisch Engels vind ik echt een ander verhaal en ik wil wel mijn artsen goed kunnen begrijpen. Als ik niet de middelen heb die ik wil, kan ik mezelf geen groen licht geven. Ik heb hier in Canada geen familie, ik ken m’n vrienden een half jaar – wat als ik al m’n verantwoordelijkheden niet kan waarmaken omdat ik zo nodig hier zwanger wilde worden? We waren er vrij snel over uit: dit gaan we hier niet doen en het was ook gelijk geen onderwerp meer.”

Bij terugkomst in Nederland werd het wel een onderwerp. Ze woonden toen in Eindhoven en Maaike kreeg een sensor die ze een week op moest houden, en dan na een week bij het ziekenhuis moest inleveren om uit te laten lezen. Een soort ‘sensor uit oertijd’, noemt Maaike het. Bij diezelfde diabetesverpleegkundige sprak Maaike haar zwangerschapswens uit. 

Maaike: ”Het blijft zo raar dat je bij een medisch iemand moet aangeven dat je zwanger wilt gaan worden, dat je dit niet zelf mag besluiten en eigenlijk de hele romantiek eraf is. Toen kreeg ik wel een sensor die ik zelf kon uitlezen. Ik was hypergemotiveerd en zat binnen no-time op hele strakke lijnen. Bij een waarde van 8 dacht ik al: oh shit, te hoog! Dus dat groen licht kwam heel snel en de zwangerschap gelukkig ook.” 

Qua groen licht trouwens: bij Maaike’s wens voor een tweede vroeg ze veel sneller aan haar DVK om een sensor en bij de derde hield ze zelf met de Freestyle libre haar waarden enorm goed in de gaten en pats: toen was ze zo weer ‘in het groen’! Bij de derde heeft ze het veel meer naar zichzelf toe getrokken, omdat ze erop vertrouwde dat haar lijf het gewoon kon.

Jeeh! Zwanger! En bevallen…

Dan, meer specifiek, over naar Maaike’s zwangerschappen. Hoe zijn die verlopen? Was er veel verschil? De eerste zwangerschap verliep volgens het boekje, naar Maaike’s idee waren alle controles en ziekenhuisbezoeken niet nodig. Bij 38 weken werd ze ingeleid, er werd nog een versie gedaan omdat haar dochter in stuit lag (dan ligt je baby met het gezichtje de verkeerde kant op).

Van die versie dacht Maaike zelf: deze zit zó rechtop, die wil gewoon met een keizersnede gehaald worden. Maar toch zei het ziekenhuis, omdat dit haar eerste kindje was en haar baby niet te groot was, dat ze het gewoon moest proberen. Ondanks de weeën-opwekkers van ’s ochtends 11u tot ’s avonds 21u kwam de ontsluiting niet verder dan 9,5 cm, genoeg om te persen zou je zeggen. Maar Maaike wist op dat moment echt van voren niet meer dat ze van achteren leefde, dus persen zat er niet in.

Maaike: “Die opwekkers bleven maar komen: nóg een tandje erbij, en nóg een tandje erbij. Ga maar proberen te persen, zeiden ze. Om 15:00 zei de verloskundige dat ze nog wel dacht dat mijn kindje binnen haar dienst geboren zou worden. Nou… niet dus, ik lag om 21.45 op de OK. Waar ik liters bloed verloor, omdat mijn baarmoeder helemaal uitgeput was. Zodra ik van de opwekkers af ging, stopten mijn weeën ook. Daaraan kon ik zien dat de hele bevalling helemaal kunstmatig was geweest. Het was gewoon nog niet de bedoeling. En later zei de gynaecoloog ook nog dat Annabel helemaal niet gepast had dus dat een keizersnede de enige mogelijkheid was. Achteraf denk ik echt dat mijn dochter het zelf had aangegeven als ze er klaar voor was, maar die optie was er helaas niet in mijn ziekenhuis – ik moest met 38 weken ingeleid worden.”

Foto credit: Tineke van der Eems | www.spaghettiii.nl

GENTLE SECTIO

“Gelukkig kregen ze toch nog wel mijn baarmoeder dicht, maar zodra mijn dochter bij me lag begon ik helemaal te trillen en weg te vallen, ik ging gewoon out op die OK. Dus ik zei “m’n suiker, m’n suiker! Maar de anesthesist zei: nou, je suikers zijn het niet hoor. Dus toen raakte ik behoorlijk in paniek want ik dacht – wat kan het dan zijn?! Dat was dus het enorme bloedverlies.”

De keizersnede zelf was een zogenaamde gentle sectio, waarbij Maaike mee kon kijken door een plastic doek. Het was ook voor de baby gentle, want nadat het hoofdje uit Maaike’s buik was, heeft de arts het lijfje nog even laten zitten om de overgang voor Annabel fijner te maken. Ook mocht de navelstreng uitkloppen tot ‘ie leeg was – zodat de goede stoffen nog je baby inlopen in plaats van verloren gaan. Bij haar andere twee kinderen was dat helaas niet het geval, maar we nemen dat maar als een consequentie van het hebben van diabetes, komen Kirsti en Maaike overeen. Uiteindelijk is het belangrijkste dat je je baby in je armen hebt, met of zonder laatste beetje goede voedingsstoffen uit de navelstreng. 

Het ging heel goed met Annabel, alleen bleef ze maar afvallen. Daardoor konden Maaike en haar man niet meteen naar huis. Na vijf dagen ging de trend weer de goede kant op en stopte het afvallen. Maaike was constant in de weer met wegen en bijvoeden, maar heel blij dat ze het ziekenhuis achter zich kon laten. Dit blijkt overigens vaker te gebeuren als de mama in kwestie een infuus heeft gekregen, dan verliest de baby in de eerste paar dagen veel vocht en dat is dan best een schrikbarende afname.


twee is nóg leuker

Maaike en haar man genieten met volle teugen van hun dochter en besluiten graag nog een tweede kindje te willen. Maaike trekt in een vroeg stadium aan de bel bij het ziekenhuis en krijgt als snel een sensor. Ook deze zwangerschap lijkt ze zonder noemenswaardige kwaaltjes door te komen, totdat ze net voor het eind (35 weken) voor een controle naar het ziekenhuis gaat. Ze kwam dus voor een reguliere controle afspraak, maar verliet het ziekenhuis niet meer: ze was helemaal opgezwollen en bleek last te hebben van pre-eclampsie (zwangerschapsvergiftiging).

Ze ‘checkte in’ en kreeg te horen dat ze haar kamer niet af mocht, de gang niet op – eigenlijk helemaal niks. Op een maandag ging Maaike voor deze controle en het ziekenhuis wilde haar zoon eigenlijk pas een week later geboren laten worden, met een geplande keizersnede. Maaike deed drie miljoen schietgebedjes dat ze het niet over het weekend heen hoefde te tillen en uiteindelijk werd zoon Hugo geboren, op wereld prematuren dag nog wel, met 36+6 weken. Hugo was helemaal in orde, alleen zijn bilirubine waardes waren te hoog. Dat betekent dat zijn lever de afvalstoffen niet goed genoeg afvoerde en daarom moeten baby’s waarbij dit het geval is, op een matje onder lampen liggen om die leverfunctie te verbeteren en de afvalstoffen te helpen afvoeren. Dus Hugo moest wel naar de medium care, met verpleegsters die daar meer verstand van hadden. Haar tweede zoon, Timothy, had overigens ditzelfde opstartprobleem. 

Bij haar tweede bevalling hoefde Maaike trouwens geen glucose/insuline infuus, ze mocht zelf haar suikers blijven regelen met haar pomp.

36 WEKEN: BABY VAN 4 KILO

In Maaike’s derde zwangerschap was de onbezorgde tijd van redelijk korte duur. Bij de controle van 25 weken bleek haar baby te groot, zelf zat ze boven de 100 eenheden insuline per dag en ze had veel te veel vruchtwater. 

Maaike: “Mijn drie kinderen zijn groot ter wereld gekomen, maar dat was heel snel over. De middelste loopt nu zelfs bij de kinderarts omdat zijn groei een beetje achterloopt. Dus hoe groot je baby’s in je buik zijn, zegt echt niks over hoe groot je kinderen later worden!”

Tijdens de zwangerschap waren alle andere checks helemaal prima. Wel voorspelde de gynaecoloog, vanwege de grootte van het kind en de hoeveelheid vruchtwater, dat haar baarmoeder op een gegeven moment gaat scheuren. In de nacht van 35 op 36 weken gebeurde dit ook – Maaike had al snel voorweeën en voelde vruchtwater. Ze belde naar het ziekenhuis en moest meteen komen. Onder de microscoop zag het vruchtwater er goed uit en de conclusie was al snel: dit kindje komt vandaag! Een paar uur later werd zondagskindje Timothy geboren.


GLUCOSE INFUUS VOOR DE BABY

Timothy moest trouwens wel een glucose infuus, maar doordat hij zo vroeggeboren was, waren zijn adertjes heel dun en moeilijk te prikken. Na 48 uur zei Maaike zelf: zijn armpje wordt wel heel dik, hier gaat iets niet goed! Er was een arts in opleiding bij die enorm ijsbeerde om na te denken waar ze goed aan zouden doen, en uiteindelijk besloot het infuus eruit te halen. Gelukkig kwam de borstvoeding heel goed op gang en dat helpt ook om de glucosewaardes van je baby op peil te houden.

Of je kindje aan een glucose-infuus hoeft, verschilt ook per ziekenhuis. Bij Maaike’s jongens was de hoofdreden dat ze wat vroeger geboren waren en dat zo’n infuus ze kan helpen. En dat vond ze ook prima, want ze moeten al zoveel opstarten. Dus als dit helpt, doe maar! Bovendien beginnen ze zodra het erin gaat al met afbouwen, dus de dosis is ook niet heel groot.

Hoe vond je de combinatie diabetes type 1 en borstvoeding geven? Had je je daar van tevoren nog speciaal op voorbereid?

Maaike: ”Soms dacht ik weleens dat het mijn waardes ietsje verlaagde, maar echt nauwelijks merkbaar. Ik heb trouwens wel mijn basaal de eerste week na de bevalling mijn bijna naar 0 teruggezet, maar dat heeft meer te maken met dat je baby uit je lijf is. Een heel kleine diabetes pauze leek het, een mini-honeymoon.”

<– foto credit: Marieke Zentjens | www.mariekezentjens.nl

Wat vind je het allerleukste aan moeder zijn?

Maaike: “Het mogen meemaken dat deze mensjes zich ontwikkelen, helemaal eigen zijn maar tegelijkertijd een stukje van ons. Ik ben in de gelukkige omstandigheid dat ik ervoor kon kiezen om thuis te zijn met de kinderen – ondanks de mening van anderen die het wel eens bestempelen als “thuis zitten”. Dan denk ik: dat denk jij dat ik aan het doen ben, zitten? Ik zit nooit! Wil je nog koffie? Ik ga die discussie niet aan. Ik vind het allermooist om deze jonge mensen te zien ontwikkelen en er voor ze te kunnen zijn in deze jonge leeftijd, nu ze het nodig hebben. En ja, het is wel zwaar maar het is ook zo dankbaar en zo bijzonder. Dit komt nooit meer terug! En dat ik dan degene mag zijn die er voor ze is, die met ze mee mag denken. Ik voel alle finesses aan, ik heb alles in de smiezen en weet wat voor mijn kinderen het beste is.”

Is je diabetes wel eens een belemmering voor het zijn van de moeder die je wilt zijn?

Maaike: “Mijn waardes zijn niet wat ze zouden kunnen zijn en dat is ok, want er is nu iets belangrijkers in mijn leven. Maar tegelijkertijd denk ik wel: ik wil langer een moeder voor mijn kinderen zijn dan volgend jaar, dus ik moet bij de les blijven. Want dat alles nu ok is, zonder complicaties, wil niet zeggen dat dat altijd zo blijft. Er kan altijd slecht nieuws komen. De angst voor complicaties komt soms in alle hevigheid omhoog, hoe goed je dat soms ook wegstopt. En ik wil wel zo lang mogelijk moeder voor ze zijn. In de dagelijkse dingen m’n hypo’s en hypers regel ik eigenlijk altijd zelf, maar er zijn wel eens situaties waarin het toch invloed heeft op wat we kunnen doen.

Als we een rondje met de hond lopen en ze willen ook nog naar de speeltuin, moet ik soms zeggen: nee, want m’n suiker is laag en we moeten NU naar huis. Inmiddels gaan ze dan ook niet meer in discussie. Maar ja, iedere moeder heeft wat, en ik heb dit. Zo vaak komt het ook niet voor. De laatste hypo die ik had, was vlak voor het eten en daar kreeg ik wel echt commentaar op: ja, jij mag nu alles eten dat is niet eerlijk. Toen heb ik gezegd: eet maar lekker mee hoor.” 

Meer lezen?

Wij Suikermama’s bundelden ervaringen van andere vrouwen die -net als jij- diabetes type 1 hebben en hun zwangerschappen en bevallingen. Zodat jij je goed kunt informeren over je eigen situatie en weet wat je keuzemogelijkheden zijn!

Wat een heerlijk interview was dit weer! Herkenning op het gebied van diabetes, maar ook puur als mama’s hadden we echt een klik.

Geen reacties

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *